05 mei Aandelen moeten worden geleverd, wel onder nieuwe voorwaarden
Een vrouw houdt aandelen in een BV. Er is afgesproken dat de BV de aandelen binnen vijf jaar terugkoopt voor dezelfde prijs. De vrouw zou op papier de bestuurder en enig aandeelhouder worden van het bedrijf, maar feitelijk is de BV beleidsbepaler van het bedrijf gebleven. Die periode van vijf jaar is verstreken zodat beide partijen verplicht zijn om mee te werken aan de levering van de aandelen en dus de notariële akte daartoe moeten ondertekenen. Maar de BV werkt hier niet aan mee.
Partijen zijn het erover eens dát er moet worden geleverd en ook de prijs van de aandelen is niet het probleem. Ze zijn het echter niet eens over de voorwaarden van de levering. In de akte van levering staat dat de koper (de BV) zich niet kan beroepen op non-conformiteit, dat de koper alle kosten en belastingen die vallen op deze verkoop en levering moet betalen en dat de koper – die enig aandeelhouder van de vennootschap wordt – aan de verkoper als bestuurder décharge verleent voor het gevoerde beleid. De vrouw vindt dat de BV de notariële akte met deze bepalingen moet ondertekenen en legt dit voor aan de voorzieningenrechter.
Gewijzigde vorm
Volgens de voorzieningenrechter hoeft de BV dit niet te doen. Het is aannemelijk dat deze bepalingen in een bodemprocedure (deels) vernietigd worden in verband met dwaling. De leveringsakte moet worden ondertekend, maar in gewijzigde vorm.
Vernietigbaar
In het Burgerlijk Wetboek staat dat een overeenkomst vernietigbaar is wanneer die tot stand is gekomen onder invloed van een onjuiste voorstelling van zaken en bij een juiste voorstelling van zaken niet zou zijn gesloten, en als de wederpartij (hier de vrouw) de dwalende (de BV) had moeten inlichten. Vanaf enig moment krijgt de BV geen informatie meer over de financiën van het bedrijf. De BV kan ook niet meer bij de financiële administratie. De BV ontdekt wel ongebruikelijke overboekingen, zoals enkele miljoenen die de vrouw naar zichzelf liet uitkeren als dividend. Onder die (verkeerde) voorstelling van zaken heeft de BV ingestemd met de voorwaarden die eventuele aansprakelijkheid van de vrouw beperken en de bepaling die décharge verleent aan de vrouw voor haar handelen als bestuurder.
Toestemming
Zonder deze (verkeerde) voorstellingen was de BV niet akkoord gegaan met deze bepalingen. De vrouw had de BV als feitelijk leidinggevende op de hoogte moeten stellen van de dividenduitkeringen. Voor grote betalingen moest de BV altijd toestemming verlenen en dit is hier niet gebeurd. De BV hoeft onder deze omstandigheden niet de akte van levering, inclusief de déchargebepaling te ondertekenen.
De BV wil dat de bepalingen uit de akte van levering moeten worden geschrapt maar dat vindt de voorzieningenrechter te ver gaan. Anders kunnen de belangen van de vrouw in het geding komen. Wel past de voorzieningenrechter de bepalingen aan, zodat ze in tijd worden beperkt. De vrouw moet meewerken aan de levering van de aandelen en de gewijzigde akte van levering ondertekenen. Voor iedere dag dat zijn daarmee treuzelt, verbeurt zij een dwangsom van € 10.000, met een maximum van € 1.000.000.