Twee keer failliet is mogelijk als de kosten maar worden vergoed

Twee keer failliet is mogelijk als de kosten maar worden vergoed

Kan twee keer worden verzocht een vennootschap failliet te laten verklaren? Ja, maar dan moet de aanvrager wel alle kosten van het tweede faillissement vergoeden. In deze zaak vertrouwde het gerechtshof er niet op dat dit ging gebeuren.

Een BV wordt failliet verklaard. Dat faillissement wordt enkele jaren later opgeheven bij gebrek aan baten, de BV wordt ontbonden en houdt op te bestaan. Bijna drie jaar later verzoekt een vof dezelfde BV failliet te laten verklaren, eerst bij de rechtbank (die wijst dat af), daarna bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Tweede faillissement

De Faillissementswet geeft regels over een ‘tweede’ faillissement. Indien binnen drie jaar nadat een eerder faillissement is geëindigd door opheffing bij gebrek aan baten – zoals in dit geval – opnieuw een faillissement wordt aangevraagd, is de aanvrager van het faillissement verplicht aan te tonen dat er voldoende baten aanwezig zijn om de kosten van het faillissement te kunnen vergoeden. Het gaat dan alleen om de kosten van het nieuw verzochte faillissement en niet om de nog onbetaalde faillissementskosten van de curator uit het eerdere faillissement.

Faillissementskosten

Deze BV was vennoot in een vof, een handelsbedrijf in onroerend goed. Dit handelsbedrijf bezit een bedrijfspand waarvan de BV nog altijd voor een deel eigenaar is. De vof die de faillissementsaanvraag deed is bereid om voor dit eigendomsaandeel € 10.000 te betalen. Daarmee moet in principe voldoende geld beschikbaar zijn om de faillissementskosten te dekken. Is dat toch niet genoeg, dan wil de vof dit bedrag eventueel wat aanvullen uit eigen middelen.

Eigendomsaandeel

Volgens het gerechtshof is het niet zeker dat daarmee alle kosten van het (tweede) faillissement kunnen worden voldaan. De vof zegt wel extra geld toe maar gaat er daarbij vanuit dat het faillissement van BV relatief eenvoudig kan worden afgewikkeld, en dat de werkzaamheden van de curator beperkt van omvang zullen zijn. Gelet op de gang van zaken tijdens het eerdere faillissement is dit niet aannemelijk. Toen boden de huidige vennoten van het handelshuis aan de curator ook al aan dit eigendomsaandeel over te nemen. De curator stemde daar toen niet mee in, omdat de vennoten nauwelijks financiële informatie wilden verstrekken over het handelshuis. En ook toen was er – net als nu – discussie tussen de curator en het handelshuis over de peildatum van de waardering van het eigendomsdeel. Na een afweging van alle kosten en baten is het faillissement toen opgeheven bij gebrek aan baten.

‘Moet niet te gek worden’

In de nieuwe zaak heeft de vof de waarde van het eigendomsdeel van de BV niet onderbouwd met documenten. Ook heeft de vof onvoldoende duidelijkheid gegeven over de peildatum van de waardering van het eigendomsaandeel. Het is in zo’n geval denkbaar dat een nieuwe curator uitgebreid onderzoek moet doen naar de waarde van het eigendomsdeel. Dan zouden de faillissementskosten best hoger kunnen uitvallen dan € 10.000. Het is alleszins onzeker of de vof dan de gehele faillissementskosten zal betalen. Ze hebben laten weten dat ze bereid zijn ‘enige aanvullende kosten’ te vergoeden maar ‘dat moet niet te gek worden’. Echt veel meer dan de toegezegde € 10.000 hebben zij er niet voor over. Nu de aanvrager van het faillissement niet toezegt alle faillissementskosten te willen betalen, wijst het gerechtshof het faillissementsverzoek af.